stamceltransplantatie

Hematopoietische stamceltransplantatie

Eiwitten als indicator van longbeschadiging bij kinderen die stamceltransplantatie ondergaan.

Hematopoietische stamceltransplantatie (HSCT) is de enige behandeloptie voor een aantal soorten kinderkanker. Stamceltransplantatie is een intensieve behandeling waarbij veel complicaties kunnen optreden, zoals infecties, transplantatieziekte of bijwerkingen van de medicijnen. In 5-40% van de gevallen overlijdt een patiënt aan een behandeling gerelateerde oorzaak. 
In het Wilhelmina Kinderziekenhuis in Utrecht hebben we recent een toename gezien van het aantal niet-infectieuze longcomplicaties. Bij 27% van onze patiënten die werden getransplanteerd tussen 2004 en 2008 ontstond het beeld van een alloimmuun long syndroom (allo-LS). Dit is een ernstige aandoening waarbij er een ontsteking optreedt van het longweefsel. Deze ontsteking wordt veroorzaakt door een afweerreactie van de donorcellen die het eigen longweefsel als lichaamsvreemd zien. Ondanks behandeling met afweer dempende medicijnen overleed 50% van de kinderen met deze aandoening. Het voorkomen en beter behandelen van de aandoening is dus van levensbelang. 
Pneumoproteïnen zijn eiwitten die door de longcellen worden aangemaakt en die verschillende functies hebben in de lokale afweer van de longen tegen ziekteverwekkers. De eiwitten worden dan in wisselende hoeveelheden aangemaakt en zijn in het bloed te meten. Door de eiwitten te meten kunnen we van een groot aantal ziekten van het longweefsel voorspellen. Er is dan in het bloed een grotere hoeveelheid van deze eiwitten aanwezig. 
Er is nog niet veel onderzoek gedaan naar de waarde van deze eiwitten bij longcomplicaties in patiënten die een stamceltransplantatie hebben ondergaan. Er is daarom een kleinschalig vooronderzoek in 10 patiënten gedaan. Daarin werd gevonden dat sommige eiwitten voorspellend zijn voor de longaandoening. In dit onderzoek worden deze resultaten hopelijk bevestigd door het onderzoek in een grote groep patiënten uit te voeren. Hopelijk kunnen deze eiwitten in de toekomst gebruikt worden als een indicator voor ziekte terwijl er nog geen klachten zijn. Bij de patiënten met een verhoogd risico op de longaandoening kan de behandeling dan al worden gestart, voordat er levensbedreigende symptomen ontstaan. Ook is het belangrijk om tijdens de behandeling van de longaandoening op basis van de eiwitten te kunnen voorspellen welke patiënt goed reageert en welke niet, om uiteindelijk de optimale therapie te kunnen geven.

Conclusie: In deze studie is er onderzoek gedaan naar de mogelijk voorspellende waarde van bepaalde eiwitten voor een ernstige longaandoening (allo-LS) bij patiënten die een stamceltransplantatie hebben ondergaan.
In een groep kinderen waarvan een deel de longaandoening allo-LS ontwikkelde en een deel niet, is er op verschillende tijdstippen de hoeveelheid eiwitten in het bloed bepaald. Hieruit blijkt dat de hoeveelheden aanwezig eiwit erg verschillen tussen patiënten onderling. Daarnaast verschillen de hoeveelheid ook binnen 1 patiënt op verschillende tijdstippen (voor en na transplantatie, voor en na optreden van de longaandoening). Op de vroege meetmomenten bleken er helaas geen eiwitten te zijn met een goede voorspellende waarde voor het ontwikkelen van de longaandoening. Zodra de ziekte zich eenmaal had ontwikkeld bleken er wel twee eiwitten te zijn die een goede voorspeller zijn voor het verloop van de ziekte. In de praktijk kan daar goed gebruik van worden gemaakt.
Er zal daarom voortaan bij alle patiënten vóór transplantatie bloed worden afgenomen om de hoeveelheid eiwitten te bepalen. Mocht de longaandoening optreden wordt er opnieuw bloed afgenomen en de hoeveelheid eiwitten bepaald, evenals 5 weken na het starten van de behandeling van de longaandoening. Het beleid ten aanzien van intensivering van de therapie zal mede van deze bepalingen afhangen. 
Er kan nog niet voorspeld worden óf de longaandoening optreedt na stamceltransplantatie, maar wanneer de longaandoening optreedt kan wel het verloop van de ziekte worden voorspeld. Dit is een stap in de goede richting.  

Onderzoek: 80 
Centrum: Wilhelmina Kinderziekenhuis – UMC Utrecht
Startjaar: 2011 
Looptijd: < 1 jaar
Totale kosten/bijdrage KiKa: € 24.925
 

Steun KiKa

Elke week krijgen 10 kinderen kanker.
25% redt het niet.

Doneer

Steun KiKa

De strijd tegen kinderkanker winnen we alleen als we het samen doen. Word donateur, steun ons éénmalig of kom in actie voor KiKa.

Steun KiKa